| In 2010 nam 'Musikalische Exequien’ van Heinrich Schütz een belangrijke plaats in tijdens het concert van Cantate Koor Almere. Het werk zou ook bij een uitvaart gezongen kunnen worden.
Johannes Brahms heeft zich uitvoerig verdiept in de muziek van Schütz in de tijd dat hij dirigent was van verschillende koren.
Ook ‘Musikalische Exequien’ behoorde hiertoe, en deze compositie heeft een onmiskenbare invloed gehad op de bijbelgedeelten die Brahms gekozen heeft voor zijn ‘Ein deutsches Requiem’.
Brahms schreef dit werk naar aanleiding van het overlijden van zijn moeder. Dit requiem is in tegenstelling tot het werk van Schütz gedacht voor een concertante uitvoering, met méér aandacht voor soli en solisten.
Het werk wortelt in de Noord-Duitse protestantse traditie. De dood komt in diverse vormen aan de orde. In tegenstelling tot de katholieke missen en requiems, waarin de opstanding centraal staat, gaat het hier meer om degenen die achterblijven. Troost en hoop, zijn de universeel menselijke waarden die in diverse gedaanten voorkomen.
Dit Requiem kent momenten van grote dramatische kracht. Brahms heeft op diverse punten de contrasten in de tekst met muzikale middelen dik onderstreept. Het maakt dat Ein deutsches Requiem beschouwd wordt als Brahms' mooiste en meest indrukwekkende werk.
De toon is overwegend donker, en de melodieën breed en statig. Dat maakt het werk geschikt voor opvoering in kerken. Er zijn diverse momenten van overweldigende muzikale schoonheid, zoals de drie grote fuga's waarmee de delen 2, 3 en 6 eindigen.
Het Cantate Koor Almere voert dit Requiem, dat naast een orkestbegeleiding ook een begeleiding van twee piano’s kent, uit in een bewerking voor piano en orgel die speciaal voor dit concert geschreven is door Felicity Goodwin en Vaughan Schlepp. Dit is daarmee tevens de wereldpremière.
Han Siertsema, dirigent |