Gratis nieuwsbrief Over het Cantate Koor Repertoire Agenda en mededelingen Kennismaken Lid worden van het koor Vragen Internet links over koren Terugblik/ archief Homepagina Cantatekoor Adressen, email enz. Laatste-update: 28 oktober 2007  

Hendrik Andriessen: Kuhnau variaties en 'due madrigali'
(met dank aan Theo van Dijk, PR-commissie van het Cantate Koor)

Tekst: klik hier

 

Hendrik Andriessen (1892-1981)

Hendrik Andriessen begon al jong met piano- en orgelspelen en componeren. Aan het Amsterdamse Conservatorium studeerde hij orgel en compositie. Hij was organist te Haarlem en Utrecht, directeur van de conservatoria te Utrecht en Den Haag, tevens hoogleraar muziekwetenschap in Nijmegen. Als orgelimprovisator genoot hij grote faam.

Naast de invloed van onder anderen Diepenbrock, Debussy en Franck spreekt uit zijn werk een sterk persoonlijke visie. Zijn stijl is origineel, evenwichtig, kleurrijk en tegelijkertijd ingetogen. Andriessen schreef onder meer symfonieën, toneelmuziek, kamermuziek en orgelmuziek. Voor zijn werken heeft hij diverse prijzen mogen ontvangen. In zijn composities en als docent heeft hij vele jonge componisten de weg gewezen.

Kuhnau Variaties

De ‘Variaties en fuga op een thema van J. Kuhnau’ vormt een van de bekendste en veel uitgevoerde werken van Andriessen. Kuhnau was cantor in de Thomaskirche in Leipzig (vóór Bach) en werd door tijdgenoten als een van de grootste musici beschouwd.

De Kuhnau Variaties voor strijkorkest zijn eigenlijk vrije fantasieën waarin Andriessen het thema van Kuhnau als het ware ‘muzikaal’ overweegt. In het eerste deel wordt het thema heel sober neergezet, waarna er vier variaties van zeer verschillend karakter volgen met tot slot (hoe kan het ook anders bij een organist) een fuga. De kracht van dit stuk ligt vooral in het schitterende gebruik van de mogelijkheden van het strijkorkest. De elegante lichtvoetige fuga geeft deze compositie een zeer on-Nederlandse afsluiting.

De delen zijn:

Thema – moderato Molto moderato e espressivo
Grazioso ma tranquillo Grave e appasionata
Allegro con spirito Allegretto con eleganza

 

Due Madrigali

Che debbo far

Che debbo far che mi consigliamore? Volgia me glocchii miei sospiriascolta.

Guai sono stati glianni ei giornie l’ore a seguitar costei chin fuga’e volta?

 

 

Wat moet ik doen, wat raadt ge me, geliefde? Richt uw ogen op mij, luister naar mijn klachten.

Ach, zijn de jaren, dagen en uren vergaan met het volgen van degene die op de vlucht was?

Morteo mercè sià fin al miodolore.
Rendimi s’esser può Liberae sciolta l’alma d’ogni suo ben spoglatae priva. Che sospirando vadi riva in riva.

Moge dood of erbarmen het einde zijn van mijn smart.
Geef mij de ziel terug, van ieder goed beroofd, en bevrijd mij, die zuchtend gaat van kust naar kust.

 

Evviva Bacco

Ah!

Evviva Bacco, evviva il Dio d’amor.

Si cantino sue lodi fra nappie buon liquor!

Evviva il Bacco.

Ah!

 

 

 

Aha!

Leve Bacchus, leve de god van de liefde.

Men zinge uw lof, onder het drinken van glazen goede drank!
Leve Bacchus.

Aha!